On the road

Reis naar Zuid China 2025

Ik had de gelegenheid te reizen doorheen Zuid China, vertrekkend vanuit Chengdu naar de grens met Vietnam. We reisden doorheen drie provincies: Sichuan, Guizhou en Yunnan. De reis was ook heel gevarieerd zodat we zowel natuur als cultuur hebben gezien. We wisselden ook steden af met natuur en kleinere dorpen. 

Wat ik een belangrijke ervaring vond is dat China een enorme geschiedenis en oude cultuur kan doen samengaan met een grote moderniteit. Ze hebben een groot verleden, dat ze ook kennen, maar ze blijven er niet in hangen zonder naar de toekomst te kijken. Die combinatie van oude cultuur met de hectiek van de moderne tijd vind ik fascinerend. De oude tijden in kleine dorpen bestaan er naast de hectische hypermoderne steden.

De Zuidelijke Provincies van China zijn lang achtergesteld gebleven misschien omdat zij vooral bevolkt werden door etnische volkeren die geen Han chinezen zijn. Recent is heel de infrastructuur zoals bruggen, wegen, tunnels doorheen deze bergachtige streek helemaal gemoderniseerd zodat alles veel toegankelijker wordt. 

Eerst iets over de natuur:

In de omgeving van de tad Chengdu bevindt zich het Dujiangyan irrigatiesysteem dat al 2000 jaar in werking is en waarmee de bevloeiing van de vallei van Chengdu geregeld wordt. Het systeem gaat in drie stappen. In de eerste stap wordt met behulp van een eiland en een dam een splitsing gemaakt in een 'Inner river' en een 'Outer river'. De Inner river stroomt naar Chengdu. De outer river wordt afgeleid naar de Yangtze. De verhouding van water in beide rivieren wordt geregeld met een 40/60 percentage afhankelijk van het seizoen. In het seizoen van veel regen gaat slechts 40% naar de inner river en in het droogseizoen net omgekeerd. In de tweede stap stroomt de inner river door een kanaal van 20 meter breed, dus om de stroming nog te stremmen. Is er nog teveel wat dat door dit kanaal moet dan is er rechts voor dat kanaal nog een muur van 2.5 meter waarover het water kan wegstromen door een bedding die opnieuw naar de outer river en de yangtze dus leidt. Enfin, ik weet niet of ik het helemaal goed heb begrepen maar dit zou het dus zo ongeveer moeten zijn. Je zou het een soort land art kunnen noemen. Als ik me niet vergis was het ook Unesco werelderfgoed, maar weet het niet meer (schriftje met notities verloren op vliegtuig....). Bij dit geheel is een soort klein tempelcomplex gebouwd met taoïstische elementen volgens de gids. De ontwerper van het systeem wordt er vereerd en ook de god van het geld blijkbaar. (laat ons hopen dat het helpt...) 

Enkele dagen later zagen we alweer Unesco Werelderfgoed in het Xiaoqikong landschapspark met een karststeengebergte in Libo County. Het gebergte wordt door het water uitgesleten en dit geeft vrijgave van mineralen in het water. Het resultaat is een prachtige blauw-groene kleur. Heel mooie natuur. De Chinezen zelf bezoeken ook erg graag dit gebied en laten zich daar graag fotograferen bij dit blauwgroene water. Naar het schijnt kan je daarvoor dan best lichtgekleurde kleding dragen....

Een week later konden we de zonsopgang en zonsondergang waarnemen bij een vallei met rijstterrassen. De rode gloed wordt weerspiegeld in het wateroppervlak en dat is heel mooi om te beleven. Ik onthoud vooral de rijstterrassen bij Yuanyang helemaal in het Zuiden van het land. Deze zijn met de hand gemaakt 1000 jaar geleden door het Hani volk. Zij creëerden een mini ecologisch systeem met bovenaan de berg een woud. Daaromheen een afvoer voor het water dat door een systeem naar beneden geleid wordt. Onder het woud ligt het Hani dorp. Daaronder liggen de rijstterrassen die bevloeid worden door het water van het woud. Onderaan de berg ligt de rivier die door verdamping opnieuw water tot bij het woud brengt. Zo zien zij hun systeem om te leven daar ter plaatse. Dit idee van de "Hani Village" is ook geklasseerd als Unesco Werelderfgoed. Wij zagen vooral de rijstterrassen maar bezochten ook enkele dorpen. Maar ook overdag is lopen tussen de rijstterrassen een prachtige ervaring. 

In de Zuidelijke Provincies wonen vooral etnische minderheden. Wij zagen er vier: De Miao, de Dong, de Hani en de Yi. Ze hebben allemaal een speciale relatie met Beijing en de keizerlijke periodes gehad. 

Eerst de Miao. We bezochten enkele dorpen waar we met ceremonies ontvangen werden. Deze ceremonies zijn vooral bedoeld voor Chinese en Aziatische toeristen en verlopen vooral in het Mandarijns. We konden ook blijven eten op het terras bij een familie thuis. 

We bezochten ook dorpen van de DONG minderheid. Deze waren soms erg groot en ook toeristisch voor Chinezen. Centraal in een Dong dorp staat een houten DONG toren. Daaronder komen de mensen samen en spelen zich de belangrijke gebeurtenissen af. Mooi ook hoe deze dan vol hangen met spreuken. Die kon ik helaas niet lezen. We bezochten ook een dong dorp waar de laatste schutters van China leven. Ze dragen hun kleding en kruidzakken en geweren nog volgens de traditie. Ook daar kregen we een Chinese ceremonie te zien waarbij als inleiding iemand uit het publiek werd 'gekapt' zoals de haardracht voor mannen in dat dorp is. Hilariteit alom!

We zagen ook enkele kleinere steden die me erg aanspraken. Het eerste daarvan is Jianshui of vroeger ook Lin'An genaamd. De stad op het water. In die regio vlakbij de grens met Vietnam is water iets wat vereerd wordt en wat als erg belangrijk aanzien wordt in de spiritualiteit van de bevolking. We zagen dan ook hoe dat waterputten midden in de stad lagen en al eeuwen gebruikt werden met slijtsporen tot gevolg. De straten waren erg gezellig met veel brommertjes en straatventers, veel dynamiek. We zagen de 'Zhu's familietuin', een mooie stadspoort, een goede theewinkel, een confucianistische tempel. Voor de stadspoort waar we de dag afsloten, kwamen de Chinezen graag samen in kleding van oude tijden en dansten daar dan op muziek uit oude tijden. Ze zijn trots op hun verleden. 

Een tweede plek die ik knap vond was de stad Tuangshan. Deze stad uit de Ming dynastie is goed bewaard en voor toeristen opengesteld. Je ziet er verschillende huizen van vroegere rijke families. Deze werkten dikwijls in de mijnindustrie die daar actief was. Het waren de Fransen die daar Tin ontgonnen. De huizen zijn volledig in hout bewaard gebleven en bevatten heel mooi houtsnijwerk. Huizen met een verdieping erop waren in die tijd ook niet zo gewoon. Dus dat was teken van de rijkdom van de eigenaren. Je ziet op de foto's ook beide stadspoorten. 

Kortom een prachtige reis door een prachtig land. De grotere steden als Shanghai, Chengdu en Kunming heb ik maar vluchtig kunnen bezoeken en heb er onvoldoende foto's van om ze voor te stellen. Daar viel vooral de grote moderniteit op. Zeker de infrastructuur is ontzagwekkend. Ook zie je in de steden dat China echt een economie is met veel marketing en reclame. Hun oude cultuur wordt ook voortdurend gecommercialiseerd. Dit is dan vooral bedoeld voor Chinese en Aziatische toeristen. Er heerst een grote dynamiek. 

Chinezen zelf hebben we maar sporadisch ontmoet. Sommigen wilden meteen graag samen op de foto. Met anderen konden we wat praten, vooral in de afgelegen dorpen. En de Chinese gidsen waren soms echt een bron van informatie over het land zodat we een veel betere kijk kregen op het leven daar. Kortom, als ik kan ga ik nog terug!